argus interview 2009

‘Argus maakt ons succesvol in onze job’

Onder het motto ‘zo hoort u het ook eens van een ander’ strikten we vijf stijlvolle Argus-klanten voor een eerlijk gesprek over Argus.

Argus 2009

Een mooie zaterdagnamiddag in september: vijf perfect gecoiffeerde dames komen shoppen in Mania-K, de trendy Roeselaarse boetiek. Terwijl Lut Luyten (advocate), Sandra Bekkari en Lies Helsloot (allebei voedingsconsulentes bij SANA), Katrien Bettens (directrice van de basisscholen De Keimolen en Dol-Fijn en kinderdagverblijf ‘t Sprookjesparadijs in Kruishoutem) en Sylvie Delannoy (zaakvoerder van Opticcenter Holvoet en Affleflou opticiens in Brugge en Roeselare) de rekken van Mania-K doorsnuffelen op zoek naar pittige collectiestukken, schotelen wij hen al even pittige vragen over Argus voor.

‘Argus’ is de naam van een mythologische reus met honderd ogen. Wat betekent ‘Argus’ in jullie ogen?
Katrien: ‘Voor mij is Argus zoveel meer dan een kapsalon. Het is een ontmoetingsplaats, een plek om te relaxen, een zalig oord van rust en verzorging. Wat Argus typeert is de warme relatie met de klanten. Mensen zijn daar gevoelig aan. Iedereen krijgt graag aandacht, alle klanten hebben graag het gevoel dat men oprecht geïnteresseerd is in hen. Als het Argus-team die warme klantenrelatie verder kan zetten, is dat een garantie voor blijvend succes.’
Lies: ‘Argus staat voor mij synoniem met ‘attent zijn’. Dat het personeel bijvoorbeeld je naam onthoudt, vind ik ongelofelijk. Steevast vragen ze eens hoe het met de kinderen gaat en hoe de vakantie verlopen is. In die kleine gebaren zit voor mij de grote sterkte. Ze zijn bijna belangrijker dan een perfect kapsel.’
Katrien: ‘Die spontaniteit is inderdaad zeer bijzonder. In veel kapsalons gaat het er veel oppervlakkiger aan toe. Het is bandwerk, je voelt jezelf een nummer. De betrokkenheid van het Argus-team naar de klanten is echt. Je voelt dat. Mocht het fake zijn, zou ik het meteen door hebben. Valérie, Laurence en Francine zien hun klanten graag. Ze maken zich er niet gemakkelijk vanaf met een beleefdheidspraatje.’

Argus_2009_5

Als carrièrevrouwen hebben jullie alle vijf één ding gemeen: jullie hebben een leidinggevende functie én een drukke job. Hoe past een kappersbezoek nog in zo’n gevuld leven?

Katrien: ‘Ik kom nooit op afspraak. Ik vind het net heerlijk om me tussen de mensen in het salon te nestelen en een praatje met hen te maken. Het is helemaal niet erg als ik dan even moet wachten. Naar Argus komen is een rustmoment.’
Sylvie: ‘Ik kom altijd op afspraak. Zo past het perfect in mijn strakke tijdschema. Maar begrijp me niet verkeerd: ik maak graag tijd voor een kappersbezoek bij Argus. Ik heb per slot van rekening een job waarbij ik een goed voorkomen moet hebben.’
Lut: ‘Ik ben advocate, ik kan het me niet permitteren om er verwaarloosd uit te zien. Ik moet er staan, ik moet klasse uitstralen.’

Sandra: ‘Er gezond en fris uitzien hoort bij mijn vak en daar is mooi en verzorgd haar een deel van.’
Sylvie: ‘Je kan je pas vanbinnen goed voelen, als je er van buiten goed uit ziet. En vice versa.’
Catherine: ‘Argus draagt bij tot het professionele succes van ons allemaal. De kapsters maken ons mooi, doen ons goed voelen en zijn oprecht geïnteresseerd in waar we mee bezig zijn. Je krijgt het gevoel dat je succesvol bent. En dat maakt vrouwen als wij rustiger en zelfzekerder.’

Kunnen jullie als hardwerkende vrouwen dan nog tot rust komen bij de kapper?
Sandra: ‘Oh ja, het is een moment waarop ik even niks anders kan doen. Dat doet deugd.’
Lies: ‘Als ik bij Argus zit, is dat het enige moment waarop ik eens een tijdschrift lees. Dat kappersbezoekje is voor mij pure luxe. Ik wil er bewust tijd voor maken, al heb ik soms nog de neiging mijn agenda met andere afspraken vol te proppen.’
Lut: ‘Als ik naar Argus kom, breng ik altijd wat dossiers mee zodat ik wat kan doorwerken. Ik heb niet altijd de luxe om niks te doen tijdens het kappersbezoek. Meestal kom ik over de middag, tussen twaalf en twee. Ik eet altijd een hapje in het salon, zo verlies ik daar ook geen tijd mee. Het is rustig in de zaak, ik heb privacy en ik kan ongestoord aan mijn dossiers doorwerken, terwijl ik eet. Het nuttige aan het aangename koppelen: dat noem ik pas service.’

Argus_2009_2

Sylvie: ‘Argus associeer ik niet direct met ontspanning. Het hoort gewoon bij mijn voorkomen. Dat kappersbezoekje is een wekelijks ritueel dat ik er graag bijneem. Als ik een bepaald imago wil uitstralen in mijn zaak, dan moet ik netjes gecoiffeerd zijn. Je kan toch niet de ene dag slodderig en de andere dag piekfijn verzorgd zijn?’
Katrien: ‘Voor mij is mijn Argus-bezoek wel heel relaxerend. Je wordt verzorgd, je krijgt een koffietje, men is bezig met uw welbehagen. Argus is voor mij bijna wellness.’

Argus moet een evenwicht vinden tussen klassiek en hedendaags, tussen traditie en vernieuwing. Slaagt het salon daarin, denken jullie?
Lut: ‘Argus is een familiebedrijf waar je een enorme dynamiek voelt. Het is een salon dat niet stilstaat, maar open staat voor vernieuwing. Je voelt dat het team zoveel mogelijk wil vernieuwen zonder de vaste waarden, het stabiele concept en de sterke filosofie te verliezen.’
Sandra: ‘Je merkt meteen dat de zaak geleid wordt met hart en ziel. Er hangt passie en vertrouwen in de lucht.’
Katrien: ‘Er is een warmte, een visie, een doel en een drang naar vernieuwing. Alle vijf vrouwen die aan dit gesprek deelnemen, zijn in hun beroep op zoek naar diezelfde vernieuwing en doelgerichtheid. Vandaar dat we ons er ook zo goed voelen.’

Argus_2009_4

Mensen associëren Argus vaak met ‘klasse’. Vinden jullie dat terecht?
Katrien: ‘Zeker nu de kunstwerken van Michaël Aerts in het salon staan, wordt de zaak op een nog hoger niveau getild. De link is ook duidelijk, want goed coifferen is pure kunst. Het interieur is knap gedaan, het onthaal is warm: alles getuigt van klasse, kwaliteit en degelijkheid.’
Lies: ‘Vooral dat onthaal en het eerste contact is belangrijk. Ik weet nog dat ik behoorlijk wat drempelvrees had om naar Argus te komen. Maar toen ik het eindelijk aandurfde, was ik nog geen twee passen binnen, of iemand had me al op mijn gemak gesteld.’
Lut: ‘Ik vind vooral de uitstraling van de zaak, het onthaal en het gebouw op zich pure klasse. En dan zwijg ik nog over de inrichting en de decoratie. Alles is piekfijn in orde, er is nooit chaos zoals in zoveel andere salons.’
Sylvie: ‘Ook de klanten die er zitten, zijn allemaal klassevol. Dat draagt natuurlijk ook bij tot het imago van de zaak.’

Heb je als trouwe Argus-klant de neiging om te vragen naar de moederfiguur Francine, die indertijd het salon opstartte? Willen jullie per se door haar bediend worden?
Lut: ‘Ik denk dat oudere dames nog graag hun praatje slaan bij Francine, omdat ze dat al zolang gewoon zijn. Maar voor mij maakt het eigenlijk niet uit wie me kapt.’
Sandra: ‘Ik vraag meestal dat Francine mijn haar knipt, uit gewoonte. Maar als het iemand anders is, stoor ik mij daar totaal niet aan.
Sylvie: ‘Aan Francine vraag ik om mijn froufrou bij te knippen en om een chignon te maken. Daarin is ze onklopbaar.’
Katrien: ‘De mama is de lijm tussen iedereen in het salon. Ook haar dochters kunnen die moederlijke warmte overbrengen op de klanten.
Lut: ‘Francine is baanbrekend geweest in haar vak. Ze heeft het salon groot gemaakt. Haar kinderen stappen verder in haar visie. Je voelt dat Francine het vertrouwen doorgeeft aan haar dochters. Ze heeft een warm hart. Als je in het salon staat, voel je die moeder-kind-zus-band meteen. Dat is een enorm pluspunt.’

Argus_2009_3

Een delicate vraag om af te sluiten: wat is nog voor verbetering vatbaar in Argus?
Katrien: ‘Ik vind het juist goed dat het niet allemaal perfect is. Dat geeft de zaak een menselijk en spontaan tintje.’
Lies: ‘Sommige mensen hebben last van de ‘hoge drempel’. Ze durven de zaak niet binnenkomen, omdat ze het gevoel hebben niet te passen tussen de ‘chichi madammen’. Ik was in het begin ook bang, maar ik kan je nu verzekeren: het is helemaal niet chichi. Het is een plek waar je je thuis voelt.’

Reageer op deze pagina

Uw mening telt ! Hier kan u vrijblijvend uw reactie op deze pagina geven.